Wat moet je veranderen als je 45 bent en iedere dag met Rudi, Sharon, Margje en Hugo in café De Kluif zit? Als je aan het einde van de avond alleen nog maar kunt denken aan een mals stuk vlees dat sissend in een pan ligt, of aan een perfecte, stroperige saus? Als je mensen aan de bar hoort praten over het succes van de een, de mislukking van de ander, en zelf urenlang fantaseert over een chef-kok die een reuzengamba op een snijplank vlijt? En wat moet je doen als je iedere avond alleen naar huis gaat? Hanna besluit dat het tijd is om in actie te komen.
Met zijn debuutroman Levi Andreas (2009) zette de Nederlandse auteur David Pefko (Amsterdam, 1983) zich in één klap op de kaart als buitengewoon talentvol schrijver. Pefko werd hiermee genomineerd voor de Academica Literatuurprijs 2011.
Met tweede roman, Het voorseizoen (2011) won Pefko in 2012 de Gouden Boekenuil. In 2013 volgde 45, het middendeel van een gezamenlijke trilogie 25 45 70, met de co-auteurs Jamal Quariachi en Daan Heerma van Voss. In 2017 publiceerde hij Daar komen de vliegen, een roman geïnspireerd op de Bernard Madoff-affaire die zeer goed ontvangen werd in de pers.
Pefko publiceerde verhalen in onder meer Tirade en het Hollands Maandblad. Ook schreef hij columns in NRC Handelsblad en De Morgen.
Het tweede boek van de trilogie rond personage Hanna, deze keer als 45-jarige geïnterpreteerd door David Pefko. Ik hou meer van het werk van Ourarachi (Vertedering ***, Een honger****) omdat zijn verhalen meer opbouw, samenhang en spanningsboog vertonen, maar het was wel leuk om te lezen hoe een andere auteur toch een personage kan laten verderleven met eigen inslag.
Pefko blijft voor mij de meest interessante "nieuwe" schrijver in het nederlandse taalgebied zelfs als ie - zoals hier - wat wil schnabbelen op het succes van "Fifty Shades of Grey".
Ongeïnspireerd verhaal over afglijdende veertiger die alleen maar in de kroeg hangt en verdoving zoekt in drank en af en toe casual seks. Kop nog staart, er gebeurt niets, een en al niksigheid.
Ik vond het verhaal heel goed geschreven en las het daardoor in 1 ruk uit (pun intended).
Het verhaal begon een beetje cliché, met een wat ingekakte en teleurgestelde vrouw die - typisch voor de Nederlandse literatuur lijkt het - heel graag grove en harde woorden gebruikt. Ik vond de mannelijke geest van de auteur erg doorklinken in de innerlijke monoloog van de vrouw. Dat was voor mij weinig overtuigend.
Maar doorlezend kwam de vaart erin en - hoewel het boek de typerende leegheid van de protagonist goed weergeeft, vooral in herhalingen en gebrek aan actie - begon ik het boek steeds leuker te vinden. Dat kwam zeker ook door de vlotte schrijfstijl: de zinnen stromen er werkelijk uit. Bovendien bleek er steeds meer betekenis achter de eigenaardigheden van de vrouwelijke hoofpersoon te zitten. Zo kwam het boek echt tot leven: er volgde meer reflectie, de leegte werd verruild voor gevoel, en uiteindelijk ontstond er positiviteit, en zelfs een zekere lichtheid.