Chris Buskes geeft een duidelijke uitleg over wat de evolutietheorie eigenlijk behelst (want dat is en wordt nog steeds vaak heel verkeerd voorgesteld) en een geweldig overzicht van de betekenis van de evolutietheorie voor de verschillende wetenschappen.
Het boek is nu bijna 20 jaar oud, dus de actuele situatie is voor een aantal vakgebieden vast al weer anders. Want dat vond ik wel verrassend: de consequenties van de evolutietheorie zijn eigenlijk pas laat onderkend in heel veel vakgebieden, en discussies over die consequenties zijn nog in volle gang. Darwins erfenis heeft niet alleen de religieuze en biologische mythes ondergraven maar ook heel wat andere wetenschappelijke mythes.
Maar zonder mythes kan een mens niet leven, dus leidt ook Darwin weer tot een nieuwe. Ik citeer uit de epiloog:
“Van ieder van ons loopt een ononderbroken replicatieketen terug tot het allereerste, prille begin. […] Naarmate we verder teruggaan in de tijd komen steeds meer afstammingslijnen bij elkaar, eerst de meest recente twijgen en uitlopers van de evolutionaire boom, en ten slotte de hoofdtakken die één voor één ontspruiten aan de stam. Deze unieke en oeroude lotsverbondenheid dwingt ontzag af en schept een band die door geen enkele mythe wordt geëvenaard. Darwin heeft ons bestaan dan ook niet onttoverd, zoals sommige mensen menen, maar juist duizelingwekkend verdiept. Dit inzicht schept tevens verplichtingen, want omdat al het aardse leven één is, en het evolutieproces zich van zichzelf en van zijn mogelijkheden bewust is geworden, dragen wij de verantwoordelijkheid ervoor te zorgen dat dit leven, in al haar wonderlijke uitdossingen, blijft voortbestaan.”
In mijn ogen een bizarre poging tot “evolutionaire zingeving”. Geheel antropocentrisch en bijna spiritueel (een proces met zelfbewustzijn?!? pff).
Maar verder dus een fantastisch boek…