In Waarom mensen radicaliseren toont Kees van den Bos aan dat radicalisering van moslims, rechts-extreme groeperingen en links-extreme individuen wordt aangewakkerd door waargenomen onrechtvaardigheid. Dit komt omdat waargenomen onrechtvaardigheid niet alleen maar een indruk is van mensen, maar als 'echt' aanvoelt. Als iets als echt onrechtvaardig wordt ervaren, dan leidt dit vaak tot boosheid en vervolgens tot radicaal en extremistisch gedrag.
Dit boek beoogt radicalisering, gewelddadig extremisme en terroristisch gedrag te verklaren, zodat we het kunnen voorspellen en, waar mogelijk, voorkomen of verminderen. Hiertoe moeten we radicaliserende personen serieus nemen en zorgvuldig nagaan hoe zij de wereld waarnemen. Kees van den Bos geeft niet alleen een wetenschappelijke analyse van radicalisering, maar schetst ook hoe belangrijk het is om radicaliserende personen te wijzen op hun serieuze verantwoordelijkheden ten aanzien van een democratische rechtsstaat.
Kees van den Bos is hoogleraar sociale psychologie en hoogleraar empirische rechtswetenschap aan de Universiteit Utrecht.
'Ik heb van dit boek genoten! Wat een helder en overtuigend betoog. Door de systematische aandacht voor de rol die waargenomen onrechtvaardigheid speelt in radicalisering van mensen levert dit boek een belangrijke bijdrage aan het debat en de versnipperde literatuur over radicalisering, deradicalisering en terrorisme. Het overzicht en de concrete handvatten zijn echt heel erg verrijkend.' Beatrice de Graaf
'In deze tijd verscherpt het debat rond radicalisering. Terroristen lijken te gemakkelijk hun doel te angst zaaien. Kees van den Bos verschaft ons een helder en goed gefundeerd inzicht in oorzaken en achtergronden van radicalisering, extremisme en terrorisme. Met deze studie bewijst hij een waardevolle dienst aan onze samenleving.' Alex Brenninkmeijer
Nederlandse versie van Prometheus gelezen. Echt een interessant boek, waarin veel thema’s (van psychologische inzichten tot ons rechtssysteem en hoe en waarom mensen die legitiem vinden) aan bod komen. Meest interessante punt: denken over rechtvaardigheid is veel lastiger wanneer ons denkvermogen is belast. Des te meer financiële onzekerheid en of verlies aan betekenis dus voelen, des te meer ze kunnen radicaliseren en van een nauw idee van rechtvaardigheid uit kunnen gaan, in dit geval enkel wat rechtvaardig zou zijn voor de eigen ‘superieure’ groep (recht van de sterkste) en niet ook die van de democratische rechtsorde: het algemeen belang en procedurele rechtvaardigheid voor allen.