L'âge d'or de l'opéra, l'âge d'or des castrats : le XVIIIe siècle. Farinelli fut le plus illustre d'entre eux. Originaire du sud de l'Italie, éduqué à Naples, très vite sa renommée l'entraîna à l'étranger. Après Londres et à la demande de la reine d'Espagne, il s'établit à Madrid, où le neurasthénique Philippe V se consume dans l'inaction. Et voilà le miracle : la voix de Farinelli agit sur le roi comme une drogue miraculeuse, il revit et s'intéresse de nouveau aux affaires de l'Etat. Personnage dorénavant important de la Cour espagnole, richissime, décoré de l'ordre prestigieux de Calatrava, le castrat reste vingt-deux ans à Madrid. Il se retira à Bologne, où défila toute l'Europe, de Mozart à Casanova.
Ik had niet gedacht dat ik een boek over een castraatzanger uit de achttiende eeuw zo interessant zou vinden. Patrick Barbier schrijft zo goed en onderhoudend en met zoveel liefde voor het dramatische leven van Farinelli dat je als vanzelf meegesleept wordt in het verhaal en tegelijkertijd veel leert over de geschiedenis van de muzikale wereld in die tijd, Farinelli's ongekende successen in Italië, zijn strijd met Händel, zijn jarenlange verblijf aan het Spaanse hof met de krankzinnige Filips V, gevolgd door de terugtrekking in zijn villa in Bologna. En dan te bedenken dat er van zijn villa, met alle muziekinstrumenten, schilderijen en kostbaarheden, een gigantische verzameling, niets meer over is. Zelfs het graf van Farinelli is verloren gegaan. Gelukkig hebben we het boek van Barbier nog. (ik las de Nederlandse vertaling van Truus Boot, 1996)